Poster - Levertransplantaties bij kinderen in Nederland; de evolutie in de afgelopen twee decennia


M.J.M. Werner, R.H.J de Kleine, F.A.J.A. Bodewes, M.T. de Boer, K.P. de Jong, V.E. de Meijer, R. Scheenstra, E. Sieders, H.J. Verkade, R.J. Porte

Donderdag 24 mei 2018

17:51 - 17:56u in Baroniezaal

Categorieën: Kinderchirurgie, Poster presentatie, Vrije voordrachten (V-sessie)

Parallel sessie: V15 Kinderchirurgie


Introductie 

Sinds 1982 worden er in Nederland levertransplantaties bij kinderen verricht; momenteel ongeveer 25 keer per jaar. Sinds 2004 worden er ook levende donor levertransplantaties(LDLT) uitgevoerd, met als doel het donortekort in te perken. Deze studie betreft een evaluatie van de resultaten van het nationale kinderlevertransplantatieprogramma gedurende de afgelopen twee decennia.

Methode 

Er werd een retrospectief cohort onderzoek verricht van een prospectief opgezette database met de gegevens van alle kinderen die in de periode 1995-2016 een primaire levertransplantatie hebben ondergaan. De uitkomsten van kinderen die een levertransplantatie ondergingen in de periode 1995-2005 (cohort A; n=126) en 2006-2016 (cohort B; n=169) werden met elkaar vergeleken. Binnen cohort B werd tevens een subgroepanalyse verricht van transplantaties met postmortale donorlevers (n=132) en levertransplantaties met een levende donor (n=37).

Resultaten 

In cohort A waren bijna alle donorlevers afkomstig van postmortale donoren (99%), in cohort B betrof 22% een LDLT. De leeftijd was hoger in cohort A (4,4 vs. 2,5 jaar; p=0,015). Postoperatieve complicaties waren vergelijkbaar. Retransplantaties binnen een jaar na transplantatie waren vaker noodzakelijk in cohort A dan in cohort B (25 vs. 12%; p=0,004). Na LDLT werd er 2 keer (5,4%) een retransplantatie verricht. De 5-jaarsoverleving was hoger in cohort B dan in cohort A (83 vs. 71%; p=0,014). In cohort B was de 5-jaarsoverleving na LDLT hoger dan na transplantatie met een postmortale donorlever (95 vs. 81%; p=0,025).

Conclusie 

In de afgelopen twee decennia zijn de uitkomsten van kinderen na levertransplantatie in Nederland verder verbeterd. Met een actuariële 5-jaarsoverleving van 83% in het meest recente cohort en 95% na LDLT is er sprake van een succesvol nationaal kinderlevertransplantatieprogramma.

Chirurgische procedure bij een levertransplantatie met een levende donor. Het linker laterale deel van de lever (leversegmenten 2 en 3) wordt verwijderd bij de volwassen leverdonor en geïmplanteerd in het kind.
Het aantal levertransplantaties bij kinderen in Nederland per twee jaar. Uitgesplitst naar type donor (donkerblauw = postmortale donor; lichtblauw = levende donor). Sinds 1982 zijn er in Nederland in totaal 478 levertransplantaties bij kinderen verricht.
Kaplan-Meier curve van de 5-jaarsoverleving van 169 kinderen na primaire levertransplantatie in de periode 2006-2016, uitgesplitst per donortype. Postmortaal: levertransplantaat van een postmortale donor. Levend: levertransplantaat van een levende donor.